Onze beloftes aan u
Onze beloftes zijn uw garantie voor een goede australian labradoodle pup
Happy Doodles verklaart hierbij:
Dat wij de Australian Labradoodle zullen beschermen, promoten en verbeteren in ons hele doen en laten, zowel schriftelijk als mondeling en wij zullen de gedragsregels en ethische code naleven zoals voorgeschreven door de Australian Labradoodle Association Europe.
Wij verklaren hierbij dat nooit een lidmaatschap is stopgezet of is opgeheven door een hondenorganisatie. Tevens verklaren wij nooit veroordeeld of verdacht te zijn geweest wegens enige vorm van dierenmishandeling.
Wij staan open voor elke vorm van inspectie door elke daartoe geautoriseerde instantie, danwel elk bestuurslid van een Australian Labradoodle rasvereniging.
Wij verklaren hierbij dat geen enkele teef onder de 24 maanden of na de leeftijd van 8 jaar een nest zal krijgen. Ook zal elke teef niet meer dan 3 nesten in haar leven krijgen en zal er minimaal een jaar rust zijn tussen 2 nesten.
Wij zullen alleen fokken met honden die daar geestelijk of fysiek aan toe zijn.
Wij zullen geen nesten fokken waarvan het inteeltpercentage meer dan 5% is.
Wij zullen nooit honden of hun nakomelingen verkopen, verhandelen of verloten aan commerciële groothandelaars, dierenwinkels of aan de detailhandel.
Wij zullen ervoor zorgen dat onze pups het nest niet verlaten voor de leeftijd van 8 weken.
Wij zullen alle puppen elke 2 weken ontwormen, met 6 weken inenten, en laten chippen alvorens zij het nest verlaten.
Wij garanderen dat alle bij ons geboren pups bij ons in huis grootgebracht worden, goed verzorgd worden, tijdig gevaccineerd worden, regelmatig ontwormd worden en in een gezonde omgeving opgroeien waar zij fysiek, mentaal en sociaal genoeg gestimuleerd worden. Het socialiseren zal in huiselijke kring plaatsvinden.
Wij zullen onze pups alleen aan toekomstige eigenaren meegeven indien zij laten blijken de verantwoordelijkheid te kunnen dragen ten opzichte van de gezondheid en het welzijn van de hond.
Wij zullen alle pupkopers schriftelijke informatie meegeven met details over de noodzakelijke voeding, training en medische zorg, en/of hier een alternatief voor aanbieden. Wij hebben hiervoor een speciaal puppyhandboek geschreven, welke wij uitreiken bij aanmelding voor een pup. In dit handboek reiken wij alle informatie aan die nodig is om de goede basis die gelegd is gedurende de eerste 8 weken, verder uit te bouwen tot een stabiele en gezonde hond.
Wij zullen pupkopers leren wat hun verantwoordelijkheid is ten aanzien van de hond en wij bieden aan de hond te allen tijde terug te nemen (of te assisteren bij herplaatsing) als deze, om wat voor reden dan ook, niet meer gewenst is.
Wij zullen meningsverschillen met pupkopers en collega fokkers professioneel benaderen en oplossen.
Wij zullen de integriteit van de australian labradoodle fokkers aanhangen en stimuleren. Wij zijn oprecht in al onze daden, zowel schriftelijk als mondeling. Wij zullen naar eer en geweten handelen naar zowel pupkopers als naar andere fokkers.
Wij zullen met onze honden verantwoord fokken, en alle nakomelingen zorgvuldig observeren en registreren. Als wij hierbij tot de conclusie komen dat een specifiek koppel ernstige afwijkingen doorgeeft, dan zullen wij ons fokprogramma zodanig bijstellen dat dit koppel samen geen nakomelingen meer krijgt.
Wij zullen onze fokhonden compleet laten testen conform de eisen van de ALAEU, alvorens een hond voor de fok gebruikt wordt.
Voorlees labradoodle

De voorlees labradoodle
Het voorlezen aan een hond blijkt op verschillende manieren effectief te zijn. Als je als kind ergens niet goed in bent, vind je het vaak ook niet leuk om te doen. Niemand vindt het leuk om fouten te maken en al helemaal niet in situaties waarin anderen een oordeel over je kunnen vellen, zoals bijvoorbeeld in een klaslokaal. Daarom is het voorlezen aan een hond voor een kind zo anders. De aanwezigheid van de hond zorgt ervoor dat de opdracht die gedaan moet worden (in dit geval het lezen) in een ontspannen sfeer plaatsvindt en vooral erg leuk is. Jonge kinderen lezen met name boeken waar veel plaatjes in staan. Zij kunnen die plaatjes aan de hond laten zien en vertellen wat er op die plaatjes te zien is. Zo zijn de kinderen op een leuke manier met taal bezig. Bij oudere kinderen gaat het vaak om het vloeiend hardop lezen.
De baas van de hond heeft over het algemeen een ondergeschikte rol. Soms kan de baas vragen stellen over de tekst die gelezen is of het kind helpen wanneer het echt bij een woord vast zit. Het is nooit de bedoeling dat het kind tijdens leessessie gefrustreerd raakt. Een van de werkzame bestanddelen van deze therapie is ten slotte het plezier dat het kind moet hebben.
Onderzoek heeft uitgewezen dat therapiedieren vaak een grote invloed hebben op zelfvertrouwen van kinderen. Ook zijn kinderen over het algemeen meer bereid de met dieren aan te gaan dan met volwassenen. Daarnaast zijn kinderen zich tijdens hun met dieren vaak niet bewust van hun beperking.
Bron: www.therapyanimals.org
Meer informatie ?
Neem contact met ons op via onze contactpagina.
Labradoodle opvoeden
Nederland hoort tot de dichtstbevolkte landen van Europa, 16 miljoen mensen, en 1,8 miljoen honden. Honden moeten daarom flinke concessies doen als het gaat om vrijheid en het te vertonen gedrag. Gelukkig zijn er vele hondenscholen, met evenveel cursussen waar u leert hoe u met uw hond moet gaan. Helaas zijn deze cursussen met name gericht op de buitenruimte. Hoe een hond zich in en om het huis moet gedragen wordt vaak niet behandeld, terwijl daar vaak de problemen ontstaan.
Wij geven u op deze pagina wat handreikingen waarmee u ervoor zorgt dat er in huis ook rust, orde en regelmaat is. Een hond heeft namelijk sterk de behoefte aan regelmaat, structuur en een duidelijke rolverdeling. Geen enkele hond hoeft fysiek gestraft of gecorrigeerd te worden, zeker een Australian Labradoodle niet. Natuurlijk overwicht is vele malen krachtiger, en gemakkelijker ook. Onderstaande situaties zijn belangrijke (zo niet cruciale) momenten waarop u heel subtiel kunt laten zien wat u van de hond verwacht. Het resultaat zal zijn dat de hond een heel tevreden leven zal leiden. De basis is dat de hond zich tijdens deze momenten weet te beheersen, en snapt dat er pas iets gebeurt als hij/zij rustig is.
1. Etenstijd
Sommige honden gaan door hun dak als ze zien dat hun baasje het eten gaat klaar maken. De bak staat nauwelijks op de grond of in het standaard of ze vallen direct aan. Helemaal fout ! Zo lang de hond druk is gebeurt er niets, krijgt hij geen eten. Hij moet gaan zitten en blijven zitten (of liggen) totdat jij klaar bent met het eten maken. Als ie druk blijft, blijf dan rustig afwachten. Belangrijk is dat je niets zegt. Mensen praten (veel te veel), een hond niet, de hond negeert het gepraat zelfs en kijkt alleen naar jouw lichaamstaal. Pas als de hond rustig is zet je de etensbak op de grond of in het standaard, en beloon je hem. Goed zo! De hond moet er nog steeds vanaf blijven. Als ie rustig is geef je meteen toestemming om te eten. Beheersing is key hier. Heb je meer honden dan krijgt de hond die het meest rustig is als eerste het eten.
2. Uitlaten.
Sommige honden gaan uit hun plaat zodra de riem gepakt wordt. Negeer dit gedrag, zeg niets. Doe op uw gemak uw jas aan en als u er klaar voor bent gaat u de hond aanlijnen. Alleen als de hond rustig zit wordt de halsband omgedaan/riem vastgemaakt. Ook hier is het belangrijk niets te zeggen. Afwachten en de hond indringend aankijken is echt voldoende. De eerste keren kan het even duren, maar hou vol, u zult merken dat het elke keer korter zal duren. De hond blijft ook binnen als u de deur opendoet. Duwt hij zichzelf door de deuropening en u opzij ga dan weer naar binnen en begin opnieuw. Hij mag heus wel tegelijk met u naar buiten, maar alleen op een rustige manier. Trekken is uit den boze. Wees consequent hierin. Honden willen structuur en duidelijkheid en zijn dol op vaste rituelen. Het kost soms wat tijd maar als ze het snappen dan is er rust. Het trekken buiten ontstaat vaak omdat het binnenritueel overgeslagen wordt.(omdat de hond graag snel naar buiten wil.....)
3. De baas bepaalt altijd de route tijdens het wandelen.
De hond loopt gezellig met de baas mee en niet andersom. De hond loopt dus niet aan een strakke lijn, maar er is een lus in de lijn. Hij mag gerust voorop lopen, zolang de lijn maar los is. Wanneer de hond continu in de riem hangt en het met kleine correcties niet stopt, sta dan stil en wacht af. Wanneer de hond naar u kijkt of terugkomt om te vragen waarom u niet doorloopt, dan is de lijn weer slap, u beloont hem uitbundig (in het begin kunt u een beloninkje geven zodat de hond leert dat het de moeite waard is om bij u in de buurt te blijven lopen) en u loopt weer verder. Komt de riem weer strak te staan, doet u weer hetzelfde. Misschien loopt u dan binnen 10 minuten maar een paar meter, maar als u het vol houdt, dan weet de hond dat wanneer de riem strak staat er niet gelopen wordt (strak=stop/rem) en wanneer de riem in een lus is, dat er dan wel gelopen wordt. Sommige honden hebben dit binnen 2 dagen door, sommige pas na 2 of 3 weken. Blijf volhouden, u heeft er de rest van zijn leven profijt van.
Sommige honden blijven enthousiast trekken, altijd. Probeer dan dit: wanneer de hond weer in de riem gaat hangen om een bepaalde richting te lopen, dan ga je expres een andere richting in, zodat de hond achter jou aan moet lopen. Waarschijnlijk sprint ie dan naar voren zodat jij weer achter hem loopt. Dan draai je weer om. Blijf dit herhalen tot de riem los blijft hangen. Hij mag gerust voorop lopen, zolang de lijn maar losjes hangt. Verander telkens van richting als ie trekt en na een aantal keren zal ie keurig bij je blijven lopen. Ook hier dus vol blijven houden ! Het is namelijk puur een psychologisch spel, een kwestie van natuurlijk overwicht krijgen. Geef niets om mensen die raar staan te kijken.
4. Als er aan de voordeurbel gebeld wordt.
Veel honden blaffen. 1x blaffen is genoeg dus zeg dan (rustig) genoeg. De hond blaft omdat ie jou wil waarschuwen dat er iemand aan de voordeur staat. Laat de hond zitten, als ie zit zeg je braaf en pas dan ga je de voordeur opendoen. De hond heeft jou gewaarschuwd dus zijn taak zit erop. De meeste huizen hebben een hal en dus een voordeur en een binnendeur. De hond bevindt zich dan altijd in de woonkamer, nooit bij de voordeur. Is uw hond wat drukker of gromt ie of doet ie iets anders wat onprettig is, geef uw bezoek dan opdracht om de hond volledig te negeren: geen fysiek- en geen oogcontact. Pas als de hond rustig is mag ie aangehaald worden (voor zover het bezoek dat wil), het bezoek kan hem/haar het beste onder de kin of op de wang aaien. (bovenop de kop aaien is een dominante handeling en kan verkeerd vallen)
5. Springende honden
Springen is een vorm van aandacht vragen en wordt vaak gedaan door honden die onzeker zijn, al dan niet gepaard gaand met kleine plasjes. Het wordt door de meeste mensen niet gewaardeerd, vooral als ze een witte broek aanhebben...., dus train uw hond dat hij niet mag springen. De enige juiste oplossing is volledig negeren, keer de rug naar de hond en loop eventueel weg van hem. Pas als ie op 4 poten staat krijgt ie aandacht. In de bench stoppen is niet de oplossing, dit is symptoonbestrijding. Negeren is een heel krachtig middel om te laten zien dat je het niet leuk vindt wat ie op dat moment doet. Ook hier niets zeggen, praten en roepen draagt bij aan het enthousiasme dus werkt averechts.
6. De hond ligt niet op de bank en niet op bed.
De hond heeft een mand en de rest van de woonkamer om te liggen. Bezoek zal het niet prettig vinden als een hond naast ze op de bank zit. Op schoot knuffelen moet een hoge uitzondering zijn en de hond moet dit begrijpen. Onze honden komen elke avond een knuffel halen, ze vinden het heerlijk (en wij gezellig!) maar stappen na een minuut of 2 vanzelf van onze schoot omdat ze weten dat het geen gewoonte mag zijn.
7. De baas bepaalt wanneer, wat en hoelang er gespeeld wordt en wint altijd het spel.
Als baasje hoor je altijd het spel te winnen en bepaalt hoelang er gespeeld wordt, dus de hond laat op jouw commando het speeltje los. Het baasje bepaalt ook wanneer er gespeeld wordt. Het is dus niet zo dat wanneer de hond met een speeltje in zijn bek naar je toe komt, dat er dan ook gespeeld moet worden. Negeer dit en ga weg bij de hond. Als ie het accepteert door iets anders te gaan doen, pak dan het speeltje en speel. Stop met spelen voordat de hond zich begint te vervelen. Als de hond stopt met spelen dan heeft hij dit beslist en dat willen we niet.
8. De hond krijgt niets voor niets.
De hond moet altijd iets doen voordat hij een koekje krijgt. B.v zitten, liggen, pootje geven, als het maar een commando is, en wanneer hij dat goed opvolgt krijgt hij de beloning, een koekje. Hierdoor herhaal je dat je samenwerkt met de hond.
9. De hond moet iedere gegeven commando opvolgen.
Hoe vaak hoort u niet iemand tegen zijn hond zeggen: zit..., zit...., zit...., hé verdorie, ga nou eens zitten ! De hond zit dan nog niet. Zorg dat de hond alle aandacht voor jou heeft, en zeg dan 1x duidelijk ZIT. Als ie druk ergens mee bezig is, of iets anders heeft zijn aandacht dan heeft het geen zin hem iets op te dragen. Dus niet 1 of 2x zeggen en dan ''''ach laat maar''. Bij de 2e keer help je de hond te gaan zitten. Een beloninkje voor zijn neus houden en deze omhoog brengen is vaak al voldoende.
10. Ben altijd consequent en geef nooit als eerste op.
Hier gaan de meeste mensen de mist in. Of er zijn gezinsleden die niet dezelfde regels volgen. Essentieel is dat alle gezinsleden dezelfde regels en commando's volgen. Schrijf ze desnoods op. Zorg er altijd voor dat je duidelijk bent tegen de hond. Als de hond de ene dag aan de lijn mag trekken, en de volgende dag niet meer, dan is dit voor de hond heel verwarrend. Als je iets niet wilt, dan moet je dit gedrag consequent corrigeren, elke keer weer, misschien zijn hele leven lang. Gewenst gedrag beloon je weer zoveel mogelijk, dat hoeft niet telkens met iets lekkers. In het begin kun je het met lekkers doen en je zegt erbij dat is braaf. Later hoef je dan alleen dat is braaf te zeggen. Dat heeft voor de hond dan dezelfde beloningswaarde.
ADL Labradoodle
Labradoodle als servicehond
De Australische Labradoodle is speciaal gefokt om als servichond te dienen. Eén van de organisaties die in Nederland hulphonden opleidt is Hulphond Nederland. Onderstaande informatie komt van hun website.
Mensen met een Hulphond zijn onafhankelijker, hebben meer sociale contacten en voelen zich meer geaccepteerd. Wij durven gerust te stellen dat de Australische Labradoodle één van de meest geschikte honden is voor dit doel, vooral ook omdat ze geen haren verliezen en ook geplaatst kunnen worden bij mensen met een hondenallergie.
Wat is een Hulphond
Een Hulphond helpt iemand met een lichamelijke handicap of epilepsie. Hij opent letterlijk en figuurlijk deuren die daarvoor voor zijn baas gesloten bleven. Zo kan een Hulphond een groot aantal praktische dingen, zoals kleren aan- en uitdoen, op licht- en liftknoppen drukken, post en andere dingen oprapen, was in de wasmachine doen, betalen in de winkel, laden en kasten openen enzovoorts.
Behalve praktische hulp biedt een Hulphond ook veel sociaal-emotionele voordelen: mensen met een Hulphond zijn zelfstandiger, onafhankelijker, hebben meer sociale contacten en voelen zich meer geaccepteerd.
Er zijn twee soorten hulphonden: ADL-honden en seizurehonden.
ADL-hond
De afkorting ADL staat voor Activiteiten in het Dagelijks Leven. Een ADL-hond is getraind om iemand met een lichamelijke beperking te assisteren bij allerlei handelingen in het dagelijks leven. Zo kan deze Hulphond deuren openen, een liftknop bedienen, het licht aandoen, kledingstukken uittrekken en dingen van de grond oprapen. Er zijn ook ADL-honden voor kinderen.
Seizurehond
Een seizurehond helpt zijn baas tijdens en na een epileptische aanval (seizure). Een seizurehond is in staat om bij een aanval zijn baas in een zijligging te leggen, medicijnen te halen, op een alarmknop te duwen, hulp te halen of voor rust te zorgen.
De opleiding
Kwaliteit staat hoog aangeschreven tijdens het opleiden van hulphonden. Alleen de beste honden slagen voor hun opleiding en worden geplaatst bij iemand met een lichamelijke beperking. Een hulphond neemt namelijk 70 functies over van mensen die door ziekte en/of ongeval in hun functioneren beperkt zijn.
Wanneer tijdens de opleiding blijkt dat een hond niet aan de hoge eisen van een gecertificeerde hulphond voldoet dan wordt hij uit de opleiding gehaald. Hulphond Nederland gaat dan op zoek naar een gezin waar de hond verder kan genieten van zijn leven als huishond.
Hulphond aanvragen
Happy Doodles kan u assisteren bij het gehele proces. ADL-honden vallen sinds 1 januari 2006 onder de Zorgverzekeringswet en worden verstrekt door de zorgverzekeraar. De zorgverzekeraar beoordeelt op basis van aangeleverde informatie of verzekerde een machtiging/beschikking krijgt voor een Hulphond. De indicatiecriteria zijn soms lastig te omschrijven maar belangrijk is dat aangetoond wordt dat door de komst van een Hulphond andere zorgkosten zullen verminderen. Seizurehonden vallen niet onder deze regeling.
Voor meer informatie belt u met Happy Doodles via 040-2926428.
Labradoodle en autisme
Labradoodle als maatje voor kinderen met autisme
De relatie tussen mensen en dieren heeft een eeuwenlange historie en de rollen die dieren vervulden waren divers. In onze westerse samenleving worden honden vooral beschouwd als gezelschapsdieren én als utilitaristische dieren, die ingezet kunnen worden voor het vervullen van bepaalde taken, zoals voor het begeleiden van blinden, doven.
Maar ook voor kinderen met autisme zijn honden zeer geschikt. Met name de Australische Labradoodle is met zijn hoogsensitieve karakter zeer geschikt als maatje van een kind met autisme.
Onderzoekers ontdekten dat er belangrijke gedragsverbeteringen tot stand kwamen zoals: afname van ‘autistische’ gedragingen als fladderen, geluidjes maken enz. en een toename van sociaal aangepast gedrag zoals het initiëren van contact met de omgeving. In Canada en Amerika werden met succes speciaal opgeleide honden ingezet om de veiligheid van het kind met autisme te waarborgen en de mobiliteit van het kind en het gezin te vergroten.
Gezinnen van kinderen met autisme die een Australische Labradoodle krijgen, ervaren een toename in de veiligheid, een toename in de mogelijkheden om samen op stap te gaan en een positieve verandering in de manier waarop het gezin in het openbaar bejegend wordt. De veiligheid nam zowel op straat als in huis toe en schoolprestaties werden beter.
Zaken als boodschappen doen of naar school lopen verliepen aanzienlijk minder stressvol en uitjes die voorheen praktisch onmogelijk bleken, waren met een Australische Labradoodle erbij wel te doen. Doordat in het openbaar nu eerder de hond de aandacht trekt, in plaats van het afwijkend gedrag van het kind met autisme, voelen ouders en kinderen zich minder opgelaten en worden ze in de gelegenheid gesteld op een positieve manier iets over hun kind of autisme te vertellen.
Meer informatie
Als u eens wilt ervaren of uw kind een klik heeft met een Australische Labradoodle dan bent u van harte welkom om ons een keer te bezoeken. Voor meer informatie of een afspraak kunt u bellen met 040-2926428 of neemt U kontakt op via onze contactpagina.
{pdf}www.labradoodlepups.nl/Labradoodlevoorreinabrahamseschool.pdf|height:800|width:600{/pdf}

